email adriaan nette

Project MVDIH

Adriaan Nette vindt werk voor Den Haag ZW

Monument Voor De Individuele Herinnering

Hans Oerlemans in STROOM JOURNAAL
Nr. 8 04-1996


I
In de uiterste zuidwesthoek van Den Haag ligt de wijk Vrederust. Flats van vier etages en rijtjes eengezinswoningen wisselen elkaar in een strak ritme af. De wijk werd tussen 1957 en 1963 gebouwd in een tijd toen de woningnood nog 'volksvijand nummer 1' was.

Jonge gezinnen die noodgedwongen bij ouders of familie inwoonden kregen hier eindelijk een eigen woning. In de beginjaren moet de wijk een sfeer hebben geademd van groot optimisme en vertrouwen in de toekomst. Die blijmoedigheid is ook te herkennen in de beelden op pleinen en plantsoenen met titels als Vreugde, Meisje met Vlieger en Twee vrouwen en kind op bank.

In de jaren '90 is Vrederust een andere wijk. Aan bewoners, woningen, bomen en pleinen is te zien dat dertig jaar voorbij zijn gegaan. Wat nog niet zo lang geleden een eigentijdse stadsuitbreiding was, is een wijk van het verleden geworden met veel achterstallig onderhoud. De gemeente en de woningcorporaties zijn begonnen met het opknappen van woningen, met nieuwbouw en de herinrichting van pleinen en plantsoenen. Een voorbeeld is de herbestemming van het winkelcentrum De Dreef. Woningcorporatie De Goede Woning bouwt een deel van de winkels om tot woningen. Het winkelplein wordt een plantsoen.

De corporatie vroeg zich af of beeldende kunst een rol zou kunnen spelen bij de herinrichting en de toekomstige beleving van de vernieuwde buurt. Kunst zou mogelijk de buurt een eigen identiteit kunnen geven. Bij de bouw van de wijk hebben kunstenaars immers ook een bijdrage geleverd. Maar net als de hele wijk is ook de positie van de kunst en de kunstenaar grondig veranderd sinds Meisje met Vlieger.

In overleg met Stroom hcbk werd Adriaan Nette uitgenodigd te onderzoeken of kunst een factor bij de vernieuwing zou kunnen zijn. Hij begon eind 1994 aan zijn opdracht. Anders dan gebruikelijk bij kunstopdrachten werkte hij zonder budget, zonder concrete plek en zonder dat de noodzaak van een kunstwerk überhaupt was aangetoond.
Hij schoof aan bij het projectteam dat zich bezighield met de herinrichting. Rond de tafel zaten bewoners en vertegenwoordigers van de gemeente en woningcorporatie De Goede Woning. Het kostte hem enige moeite uit te leggen wat hij precies kwam doen. Na verloop van tijd begon hij een afzonderlijk overleg met een groep bewoners. Samen met hen zocht hij antwoord op een vraag zonder goed te weten waar en hoe hij moest zoeken. Stap voor stap stuurde hij het proces, maar wist niet waarheen.


II
Een kunstenaar die werkt in de openbare ruimte moet zich op de een of andere manier verstaan met de locatie. In de jaren '60 en '70 beperkte zich dat veelal tot kennis nemen van de plek die was voorbestemd voor het beeld. Veelal streefde de kunstenaar wel naar een fysieke afstemming met de omgeving (maat en schaal), maar de noodzaak van een inhoudelijke relatie werd veel minder gevoeld. Opdrachten waren bovendien vaak gedetailleerd omschreven, tot en met de grootte, de vorm en het materiaal van het te maken beeld.

De werkwijze van Adriaan Nette in Vrederust staat diametraal tegenover deze opdrachtpraktijk. Hij heeft eerst de wijk grondig verkend en een studie gemaakt van de korte levensgeschiedenis door oude kaarten, boeken en foto-archieven te raadplegen. Maar achter de historische feiten en achter de gevels van de flats gaat ook nog een 'collectief' verhaal schuil. Dat verhaal is van even groot gewicht om de plek te leren kennen als de feiten en de fysieke condities.

Hij heeft intensieve gesprekken met de bewoners gevoerd en hen gevraagd fotoalbums te laten zien en herinneringen op te halen. Dat leverde een stroom aan anekdotes en sfeertekeningen op. Zo ontstond een beeld hoe de bewoners het wonen in deze wijk gebben beleefd en hoe hun levensgevoel is veranderd.

Langzamerhand bleek dat de lotgevallen van het winkelplein exemplarisch zijn voor de geschiedenis van de wijk en de bewoners. Aanvankelijk was het plein een centraal punt waar het altijd druk was met winkelende moeders en spelende kinderen. Geleidelijk is dat veranderd. Dankzij de auto konden de bewoners in verderaf gelegen supermarkten gaan winkelen. De groenteboer, bakker en kaasboer maakten plaats voor een shoarmazaak, een verzekeringsagent en een fysiotherapeut. De peperbus op het plein die in de jaren '60 uitbundig reclame maakte voor de nieuwste producten werd nog maar zelden gebruikt. Het werd almaar stiller in de Dreven.

De bewoners namen met veel enthousiasme deel aan de gesprekken met de kunstenaar. Men bleef trouw komen en een reactie geven op alles wat ter tafel kwam. Maar waar moest dit tot leiden? Maar wanneer komt hij nou eens met een schets van een beeld, vroeg men zich af. Adriaan Nette zat met een andere vraag. Was de indringende reflectie van deze groep bewoners op hun wijk de bijdrage die de beeldende kunst aan het proces van de herinrichting zou kunnen leveren? Of moest dit proces in een tastbaar resultaat eindigen? Hij wist het niet en besloot door te gaan met de gesprekken.


III
Tijdens een van de bijeenkomsten vertelde iemand een anekdote die bepalend zou worden voor het verdere verloop van het proces. Deze bewoner woont al vanaf de bouw in de wijk. In de jaten '60 lag hij als jonge vader 's nachts weleens wakker, denkend aan de toekomst van zijn kinderen. Buiten was het stil, maar tegen de ochtend hoorde hij kikkers kwaken. Nu, dertig jaar later ligt hij opnieuw wakker in datzelfde huis en denkt terug aan de jaren toen de kinderen nog in huis waren. De nacht klinkt anders, maar wat hem nog het meeste opvalt is de afwezigheid van kikkers. Alleen omdat het gekwaak niet meer te horen is, herinnerde de man zich de slapeloze nachten van toen. Zijn geheugen werd vreemd genoeg geactiveerd doordat er iets in het hier en nu ontbrak.

Uit de vele belevenissen en verhalen besloot Adriaan Nette deze anekdote vast te houden. Het is een verhaal over een sterke zintuiglijke waarneming en over de werking van het geheugen. Daarnaast getuigt het verhaal van aandacht en zorg voor de leefomgeving. In Vrederust woonde men indertijd op de grens van stad en platteland met uitzicht op de weilanden, sloten en koeien. De natuur was vitaal en dichtbij. Ook dat ligt anno 1996 anders.

De groep bewoners raakte enthousiast over de anekdote. 'We zijn eruit' zei iemand. 'Maak maar een kikker.' In de weken die volgden werd de kunstenaar veelvuldig gewezen op beeldjes en afbeeldingen van kikkers. Tussen die stroom kikkers zat een anonieme illustratie die opviel door zijn gestileerde vorm en transparantie. Het dier is enigszins schematisch neergezet en bevindt zich daardoor in een schemergebied tussen aan- en afwezig zijn. Als Vrederust een kikker zou moeten krijgen, dan zou het deze zijn.


IV
Adriaan Nette maakte eerst een model van het MONUMENT VOOR DE INDIVIDUELE HERINNERING dat hij voorlegde aan de bewoners, de woningbouwvereniging en Stroom hcbk. Dit model is uiteindelijk slechts een tussenstadium gebleken. Hij ontwikkelde een tweede voorstel waarin de kikker fungeert als een beeldmerk, dat op diverse manieren te gebruiken is. Het meest prominent zal het buurtvignet op het nieuwe plantsoen aanwezig zijn. Hier komt een paal te staan met daaraan een van binnenuit verlicht ovaal paneel met de kikker. Het geheel doet denken aan de lichtzuilen die in de jaren '50 bij benzinestations stonden. De automobilist zag dat hij het station van Esso of Caltex naderde. In dit geval is het de kikker die de aandacht trekt en duidelijk maakt dat men in de Dreven is gearriveerd.

De kikker kan op meer plaatsen in de wijk terugkeren, bijvoorbeeld als een gegraveerd merkteken in de ramen van nieuwe woningen. Hij zou ook op briefpapier van de bewonersorganisatie kunnen staan en gebruikt kunnen worden als er zich bijzoindere gebeurtenissen voordoen (op vlaggen en t-shirts bij een buurtfeest). Adriaan Nette werkt aan een catalogus met allerlei suggesties voor het gebruik van het vignet, zonder dat die allemaal op korte termijn uitgevoerd hoeven te worden. Met dit vignet onderscheiden de Dreven zich van de bijna identieke buurten in de rest van Vrederust. De hervonden kikker geeft de wijk een herkenbare identiteit.

Het langdurige proces vindt zijn bekroning in dit werk, dat zonder de voorbereidingen niet tot stand had kunnen komen. Adriaan Nette heeft het proces zodanig gestuurd dat hij na verloop van tijd een beeld met deze vorm en inhoud kon vinden. Om daarop te kunnen stuiten, moest hij zonder vooropgezet plan aan het proces beginnen en openstaan voor wat zich aandiende. MONUMENT VOOR DE INDIVIDUELE HERINNERING is een pleidooi voor andersoortige methodieken om kunst in de openbare ruimte te genereren. De gekozen werkwijze is slechts één van de mogelijkheden. Afhankelijk van de gegeven situatie zal een kunstenaar zelf de meest geëigende methodiek moeten ontwikkelen. In de Dreven werd de levende geschiedenis van de buurt een factor in het proces. Maar het was de kunstenaar die onderweg de keuzes maakte en de eindbestemming bepaalde.

Hans Oerlemans

 


Meer MVDIH

beeldcampagne
die laat zien wat er is

voorstellingproces
over het wezen van de wijk

de kikker
is intussen ook weer terug

een pleidooi
voor andersoortige methodieken

de eerste wijk in Nederland
met een eigen logo

XEMBORITA
fictieve reclamecampagne

optimisme
en crescendo levensgevoel

een springplank

voor je gedachten

wat kost het?

verbeeldingskracht!

reclamecampagne
zonder product



Verwante projecten

CLICK
land van bloesem & vruchten

Gemeenschapskunst
avant la lettre

Monument
wijkend en wassend water

Op één plek
alle plaatsen van de wereld


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Monument VD Individuele Herinnering


Plein aan de Dreven, Den Haag Zuid-West



Feestelijke onthulling van het kunstwerk aan de Dreven